Hoe je het beste je lichaamssamenstelling kunt meten.

In mijn vorige blog vertelde ik al dat het getal op de weegschaal niet zoveel zegt over je lichaamssamenstelling. Hopelijk helpt die informatie om eventuele focus op hoeveel je weegt los te laten. Het is tijd om verder te kijken dan dat. Niks mis met streven naar een slank lichaam. Maar een slank lichaam is niet een lichaam dat weinig weegt, maar een lijf met een goede verhouding tussen spier- en vetmassa.

Ga als eerste van die weegschaal af en kijk in de spiegel. Ben je blij met wat je ziet? En nog belangrijker: hoe voel je je? Heb je een bepaald doel voor ogen richt je aandacht dan eerst op hoe je dat wil bereiken. Focus op het creëren van nieuwe gewoontes en vorm daarmee de basis voor een gezonde, duurzame levensstijl. Meet  je vooruitgang af aan je voedselkeuzes, energielevel, trainingen, stresslevel, slaapkwaliteit, humeur en zelfrespect. Houd een dagboek bij waarin je dat allemaal noteert. Dat gaat je heel veel inzichten geven.

Je weet nu dat de weegschaal een hele verkeerde voorstelling kan geven van je lichamelijke veranderingen. Maar hoe kun je dan weten of je lichaamssamenstelling verandert?

  1. Een van de beste manieren is een ouderwets meetlint. Noteer wekelijks metingen van minimaal 2 plekken op je lichaam. Bij voorkeur rond je taille en heupen.  Ook deze meting is gevoelig voor meetfouten dus gebruik herkenningspunten op je lichaam zoals een moedervlek of litteken zodat je elke keer op dezelfde plek meet. Meet in de ochtend na het opstaan, voordat je iets gegeten op gedronken hebt en herhaal de meting minimaal 2x, zodat je foutmetingen tot een minimum beperkt. 
  2. Ook foto’s kunnen over een langere periode vooruitgang laten zien. Neem 1x per maand een selfie met de zelfontspanner van je telefoon. Maak een foto van je gehele lichaam van de voor-, zij- en achterkant in bikini of ondergoed. Maak de foto’s in daglicht en elke keer onder dezelfde omstandigheden qua licht, tijdstip en plek.
  3. Kleding is een van de betere manieren om te weten of je lichaamsvet aan het verliezen bent. Soms voel je eerder dat je kleding losser gaat zitten dan dat je al verandering in de spiegel ziet!
  4. Een huidplooimeter is een methode waarmee je met een lichtgewicht instrumentje, een soort tang, de dikte van een huidplooi en het vet eronder kan meten. Ook deze methode is vatbaar voor foutmetingen, maar kun je als extra meting toevoegen.

Je kunt de weegschaal wel gebruiken maar wees je er bewust van dat alleen je gewicht niks zegt. Wil je toch wegen; doe het dan of elke dag of 1x per week of minder. En gebruik die getallen alleen in combinatie met de andere gegevens. Zie je verandering in de spiegel en op foto’s; zit je kleding losser, worden je omtrek maten minder maar train je steeds zwaarder en intensiever terwijl je goed herstelt? Als je gewicht hetzelfde blijft kan het heel goed zijn dat je vetmassa afneemt terwijl je spiermassa toeneemt. Je lichaamssamenstelling verandert dan dus in de positieve zin.

Huis-tuin-en keukenweegschalen zijn onbetrouwbaar en kunnen hele verschillende waarden geven terwijl je precies hetzelfde weegt. Soms heeft dit te maken met de ondergrond. Laat een weegschaal daarom altijd op dezelfde plek staan en verplaats hem niet. Ook hele geavanceerde weegschalen voor professioneel gebruik, zoals de Tanita weegschaal die ik in mijn studio heb staan, kunnen niet je exacte vetmassa-en spiermassa meten. Hoewel de absolute waarde niet correct is, kun je daarmee wel de veranderlijkheid van lichaamssamenstelling over een langere periode zien, mits je gebruik maakt van meerdere weegmomenten.

In dit filmpje zie je hoe onbetrouwbaar diverse manieren van wegen zijn die vaak wel als betrouwbaar bestempeld worden en hoeveel afwijkingen daar in zitten.

Wil je je exacte spiermassa, vetmassa en botdichtheid meten? Dan is de DEXA- scan (Dual-energy X-ray absorptiometry scan) de enige betrouwbare manier met bijna geen afwijking in de metingen. Dit is een röntgenfoto die een gedetailleerde weergave geeft van algehele en plaatselijke vetmassa, vetvrije massa en botmassa. Bij het bedrijf Energylab (met vestigingen in Rotterdam en België) kun je een analyse laten maken van je lichaamssamenstelling via een DEXA scan. https://energylab.nl

Toen ik vorig jaar zomer besloot de fitste versie van mezelf te gaan worden heb ik in Augustus een DEXA-scan laten maken. Sindsdien heb ik mijn progressie bijgehouden zoals hierboven beschreven (inclusief stresslevel, slaap, etc) In Maart staat mijn volgende afspraak bij het Energylab gepland. Uiteraard ben ik heel erg benieuwd welke veranderingen de scan zal laten zien en zal ik het resultaat in dit blog delen. Wordt vervolgd dus.


Wat je moet weten voordat je op de weegschaal stapt.

Sinds oktober vorig jaar weeg ik mezelf elke ochtend. Daarvoor gingen er weken en maanden voorbij waarin ik nooit op de weegschaal stond.  Ook mijn cliënten adviseerde ik om dit niet te vaak te doen. Tegenwoordig heb ik mijn advies aangepast naar: ga of elke dag op de weegschaal (in de ochtend meteen na het ontwaken nadat je naar het toilet bent geweest) of 1x per week of minder. En in sommige gevallen zo min mogelijk of nooit.

De reden dat ik mezelf nu elke dag weeg is om de verandering in mijn lichaamssamenstelling bij te houden. Ik wil weten hoe de verhouding tussen mijn vetmassa en spiermassa verandert tijdens mijn transformatie naar de fitste versie van mezelf. Is gewicht dan een goede maat voor vooruitgang? NEE, absoluut niet! Als je alleen gefocust bent op lichaamsgewicht krijg je maar een klein gedeelte van het verhaal. 

Ik houd ook andere dingen bij zoals mijn omtrek in centimeters op verschillende plekken, mijn lichaamssamenstelling (verhouding tussen mijn lichaamsvet en spiermassa) volgens een Tanita weegschaal, mijn uren slaap (herstel), dagelijkse stresslevel, voedingsinname en uiteraard de vooruitgang in mijn trainingen.

Enkel het getal op de weegschaal zegt weinig tot niks en is zo misleidend. Te veel mensen zijn gefocust op dat ene getal en laten hun humeur of gewoontes daardoor bepalen. Hoe vaak ik  mensen hoor verzuchten dat ze door bepaald soort voeding in korte tijd zijn aangekomen. Die serieus denken dat ze na een uitgebreid diner de volgende dag een halve kilo meer lichaamsvet hebben. (in mijn boek Intermittent Fasting leg ik uit waarom dit niet mogelijk is)

Waarom zo verstrikt raken in een getal? Je lichaamsgewicht verandert continue … elke minuut; elke dag. Als je elke dag op de weegschaal gaat staan zie je dat. Onderstaande zou een voorbeeld kunnen zijn van iemands lichaamsgewicht gedurende een week:

  • Maandag: 60,3 kg
  • Dinsdag: 59,8 kg
  • Woensdag: 60,5 kg
  • Donderdag: 60,7 kg
  • Vrijdag: 60,2 kg
  • Zaterdag: 60,0 kg
  • Zondag: 60,4 kg

Je lichaamsgewicht is geen statisch getal is, het verandert voortdurend. Dat je op donderdag meer weegt betekent niet dat je die dag meer lichaamsvet hebt. Zo werkt het niet.  Maar stel dat jij iemand bent die dat wel denkt. Je gaat dinsdag op de weegschaal staan; de weegschaal geeft 59,8 aan.  Vol goede moed ga je trainen, je houdt je aan je nieuw voedingsschema en gaat zondag weer op de weegschaal staan. Nu geeft de weegschaal 60,4 aan. “Wat??”, denk je dan misschien wanhopig “Wat doe ik fout? Dit voedingsschema werkt niet voor mij” etc, etc. En zo raak je ontmoedigd.

Als je elke dag op de weegschaal zou gaan staan zie je die schommelingen. Wanneer je daadwerkelijk progressie wil meten kun je elke dag op de weegschaal gaan staan en het weekgemiddelde gebruiken over langere tijd. Of je gaat minder frequent wegen en kijkt ook dan alleen naar het verloop over langere tijd. En dan alleen in combinatie met andere gegevens. 

 De schaal kan niet zeggen of je spieren hebt opgedaan. Een kilo spier is als een baksteen, klein en compact. Een kilo vet is als een donzig kussen, dik en klonterig. Wanneer je spieren opdoet en vet verliest, word je lichaam kleiner en strakker. Het opbouwen van spieren maakt het ook mogelijk om kleinere kledingmaten te passen zonder een grote verandering in gewicht. Misschien zegt de weegschaal na een fitnessprogramma van 90 dagen dat je 1 kilo bent afgevallen, wat misschien niet zo veel klinkt. Maar wat als je 5 kilo vet bent afgevallen en 4 kilo spiermassa hebt gewonnen? Dat is een waanzinnige verbetering van je lichaamssamenstelling, maar je zou het niet weten als je alleen een weegschaal zou gebruiken om je voortgang bij te houden. Hoe je het beste progressie bij kunt houden vertel ik in mijn blog van volgende week.


Een van de meest gemaakte fouten als je lichaamsvet kwijt wil.

Uren per week doorbrengen op een loopband, crosstrainer of fiets omdat je vet wil verliezen is zonde van je tijd. Cardiotraining is gezond voor je hart, longen, algemene gezondheid etc. Vooral in de buitenlucht fietsen, wandelen, roeien of lopen is zowel voor je lichamelijke als geestelijke gezondheid een must. Doe dat dus vooral! Maar als je op die loopband of crosstrainer gaat staan of uren buiten aan het wandelen bent om af te vallen ben je heel inefficiënt bezig.

Er is een veel efficiëntere manier als je lichaamsvet wil verliezen.  Een manier die zorgt dat je strakker in je vel komt te zitten, je lijf in shape krijgt en je vetverbranding verhoogt. En die manier is: krachttraining!

Bijna elke week krijg ik wel van iemand de vraag wat voor soort training ze moeten doen als ze willen afvallen. Mijn standaard antwoord:  “De soort training waar je het meeste plezier in hebt!” En dat meen ik oprecht. Als je iets gaat doen wat je niet leuk vindt zul je het niet lang volhouden.  Dat is dus zeker een eerste vereiste.

Een goed voedingspatroon een tweede vereiste. Uiteindelijk is een wekelijks calorietekort nodig als je af wil vallen. De uitspraak ‘Abs are made in the kitchen’ is absoluut waar. Zonder het juiste voedingspatroon gaan zowel cardio-als krachttraining niks voor je doen.

Het grootste gedeelte van wat we op een dag aan energie verbruiken op een dag is ons BMR; het Basaal Metabolisme. Dat is de hoeveelheid energie (calorieën) die je lichaam nodig heeft om te overleven in een ruststand. Ook als je een hele dag stil in bed zou liggen is dat wat je lichaam verbrandt. Je BMR is het allergrootste gedeelte, meestal meer dan driekwart van je totale dagelijkse verbranding. Je spiermassa, organen en hersenen verbruiken heel veel energie. De calorieën die je daarnaast extra verbrandt met je dagelijkse activiteiten en sporten zijn maar een klein gedeelte van je dagelijkse kcal verbruik.

Met een half uur cardiotraining verbrand je rond de 300 kcal, afhankelijk van je gewicht en de intensiteit van de training. Je bent dus best wel even bezig om die hoeveelheid energie te verbranden. 300 kcal gelijk staat aan een Snickers, 50 gram chips of een handje walnoten. Dat is dus veel werk wat je moet verrichten om de hoeveelheid energie van, in verhouding weinig, voedsel te verbranden. 

Krachttraining is dan ook vele malen effectiever als je vet wilt verliezen. Hiermee ga je namelijk spiermassa vergroten. En wanneer je meer spiermassa krijgt gaat je BMR, je basaal metabolisme omhoog en ga je dus elke dag, ook in rust, meer verbranden. Er gaan weken en maanden overheen om spieren op te bouwen, maar je zult langzaam je lichaam zien veranderen, je verbranding gaat omhoog en je vel gaat weer strakker om je heen zitten.


Slim(mer) Eten

“Maar jij eet toch heel weinig…?”, vroeg een van de aanwezige dames laatst tijdens een van mijn presentaties. Even stond ik met mijn mond vol tanden en begreep ik niet waarom ze dat concludeerde. Ik had net verteld hoe ik ooit in aanraking kwam met Intermittent Fasting, mijn survivaltocht door de Spaanse bergen, de marathons die ik liep op een nuchtere maag en de boeken die ik naar aanleiding daarvan schreef.  “Weinig??”, was mijn verbaasde reactie “Wat maakt dat je dat denkt?” “Nou, vanwege het Intermittent Fasting”, reageert ze.

Dit is een vooroordeel waar ik vaker mee te maken krijg. Zowel met betrekking tot Intermittent Fasting als het hebben van een fit en slank lichaam. En ik zie het geregeld terug bij dames (en heren) die graag gewicht willen verliezen. 

Om af te vallen werkt menigeen zich in het zweet tijdens urenlange cardiosessies (wat ook al niet optimaal is maar daarover volgende week meer) en gaat men (te) weinig eten. Jezelf afbeulen of bijna uithongeren lijkt de oplossing om het lichaam te krijgen wat je zo graag wil. Helaas is het dat niet. Integendeel. 

Een wekelijks calorietekort is een eerste voorwaarde om lichaamsvet te verliezen. Maar door continue veel te weinig te eten zul je de hele tijd honger hebben en is het niet vol te houden. Wat je dan wil doen is slimmer eten. In plaats van alleen maar naar calorieën te kijken ga je je richten op verzadiging en eet je voornamelijk voeding met een hoge verzadigingsindex.  Bij deze index wordt voedsel ingedeeld naar het ‘vermogen’ om trek te stillen. Je maagwand heeft rekreceptoren die verzadiging signaleren als reactie op druk. De sensoren meten letterlijk hoe vol je maag is. Simpel gezegd: meer voedsel vult meer dan minder voedsel. Je verzadiging wordt sterker beïnvloedt door het volume van de voeding die je eet dan het aantal kcal dat het bevat. Hoe minder calorieën per 100 gram, hoe verzadigender een product dus is.

Eet je vooral voeding die hoog scoort op de index, dan eet je uiteindelijk gemiddeld minder calorieën omdat je goed verzadigd bent. Noten zijn het voorbeeld van voeding met een lage verzadigingsindex. Maar ook bewerkte producten zoals brood, crackers, pasta, etc zijn geen goede keuze. Groenten zoals broccoli, courgette, bloemkool, spinazie, pompoen maar ook (zoete) aardappelen, bessen en bijvoorbeeld peulvruchten scoren heel hoog.  Hoe meer vezels, proteïne en water een product bevat hoe meer verzadiging het geeft. Schep je bord dus als eerste vol met dat soort producten als je graag lichaamsvet wil verliezen.  In dit geval is het dus zeker niet: hoe minder hoe beter. Integendeel juist.

Meer informatie over deze index vind je onder andere op http://www.mendosa.com/satiety.htm

En hier vind je een visuele presentatie van het principe energiedichtheid:https://www.wisegeek.com/what-does-200-calories-look-like.htm

Super Sandwich; recept uit mijn laatste boek Intermittent Fasting

De belangrijkste gewoonte waar je mee wil breken…..

Is de gewoonte jezelf te zijn!

Wanneer je daadwerkelijk je leven wil veranderen begint alles bij het veranderen van hoe je denkt.

We zitten nu halverwege de maand januari en veel goede voornemens zijn al gesneuveld. In eerdere blogs vertelde ik al dat wanneer je je doelen wilt bereiken het belangrijk is om nieuwe gewoontes te creëren. Maar dit is vaak lastiger dan het klinkt. Over veel dingen denken we niet meer bewust na hoe we ze doen; het zijn gewoontes geworden. Niet alleen wat we doen en hoe we ze doen maar vooral hoe we over onszelf denken.

Om te worden wie je wil worden moet je het leven leiden van de persoon die je wil worden. En ook zo over jezelf gaan denken! En daar ligt de grootste uitdaging. Gewoontegedrag zit ons vaak in de weg bij langdurige gedragsverandering. De enige persoon die jouw succes in de weg staat ben je dan ook zelf! Alhoewel we wel denken dat we rationele wezens zijn; we zijn ons van de meesten dingen die we denken, doen en voelen helemaal niet bewust en leven voornamelijk uit gewenning.

We weten vaak wel wat de stappen zijn die we moeten nemen maar worden tegengehouden in onze eigen beperkende overtuigingen.

“Dat werkt voor mij niet”

Hoor jij jezelf dat wel eens zeggen? Ik hoor die zin heel vaak voorbij komen als ik met mensen praat over hun doelen en het veranderen van gedrag. Jarenlang bepaalde dingen over jezelf denken en ze ook zo voelen leidt er uiteindelijk toe dat het waarheid wordt. Gedachten en gevoelens worden één. 

We zeggen bijvoorbeeld: “Ik ben bang aangelegd”, “ik ben onzeker”, “ik treed niet graag op de voorgrond”, “ik leer niet makkelijk”, “ik ben ongeduldig”, etc. Deze ideeën hebben we meestal al jaren en voeren vaak terug op dingen die in onze jeugd gebeurd zijn. Soms hebben we ze onszelf wijs gemaakt; vaak ook anderen.  Tegen de tijd dat we 30 zijn is onze identiteit en persoonlijkheid al volledig gevormd door alles wat er die voorgaande jaren gebeurd of tegen ons gezegd is. We worden gevormd door onderbewuste programma’s die automatisme zijn geworden. En dit zijn dingen als je tanden poetsen, fietsen, etc. Maar ook: klagen, niet in jezelf geloven, teveel eten bij bepaalde emoties of stress, een laag zelfbeeld hebben, etc

Je kunt wel gelukkig, gezond en tevreden willen zijn, maar alle voorgaande jaren hebben je lichaam al op een bepaalde manier geconditioneerd. En als je vertrouwde gedachten en gevoelens blijft koesteren dan blijf je altijd dezelfde realiteit creëren. Wanneer je je leven, je gewoontes en jezelf wil veranderen begint het allemaal bij het veranderen van je eigen denken.  Veranderen is groter denken dan hoe we ons voelen en anders handelen dan wat voor jou vertrouwd en een onbewuste gewoonte is geworden.

Daarom is veranderen ook zo moeilijk. Het lijkt vaak of we niet anders kunnen denken of doen dan hoe we altijd doen. Soms koesteren we bepaalde gedachten en gevoelens al jarenlang; hebben we ze jarenlang herhaald totdat het voelt alsof je nu eenmaal zo bent.

De belangrijkste gewoonte waarmee je dus moet breken om je gedrag te veranderen is de gewoonte jezelf te zijn.


Waarom Dry January misschien niet zo’n goed idee is.

Het nieuwe jaar is begonnen en we zijn halverwege de maand januari.  De maand van Veganuary, detoxprogramma’s, cleansings en…… Dry January.

Laat ik voorop stellen dat elk inititiatief om gezonder te leven een goed idee is. Een pauze nemen van alcohol kan een goede gelegenheid zijn om na te denken over hoeveel en hoe vaak je drinkt, en de impact ervan op je gezondheid, welzijn en soms zelfs op je financiën. Je lichaam gaat zeker baat hebben van een maand niet drinken – je zult merken dat je beter slaapt, je huid verbetert, je meer energie hebt en je waarschijnlijk gaat afvallen. Maar het heeft heel weinig invloed op je algehele gezondheid als je je alcoholgewoonten de rest van het jaar niet aanpast.

Want hoe ga je na deze maand verder? Ben jij iemand die reikhalzend uitkijkt naar het einde van die periode? Vier je 1 februari met een groot glas wijn of bier?  Afgelopen week zag ik op televisie dat deelnemers aan Dry January werden aangemoedigd met: “Kom op, je kan het! Nog even!! Doorzetten hoor”. Het gekke is dat alcohol drinken bij velen ‘de norm’ is. Het ‘hoort er nou eenmaal bij’. Als samenleving is onze relatie met alcohol verre van ideaal.

Wanneer alcoholische dranken nu nieuw op de markt zouden komen zou het hoogstwaarschijnlijk verboden worden. Zwaar verslavend, slecht voor alles wat je maar kunt bedenken en zwaar kankerverwekkend. En dat laatste weten veel mensen niet. Neem bijvoorbeeld borstkanker. We steunen allerlei acties voor onderzoek naar kanker, laten ons preventief onderzoeken, maar blijven wel rustig wijn doordrinken.

Zoveel dames die ik zie en spreek die denken heel gezond leven. Verantwoorde voeding,  water uit BPA vrije flessen, voldoende bewegen en sporten en daarnaast nog  meditatie, mindfullness of yoga. Maar kom niet aan dat wijntje…….   Zoals Jacqueline Lieshout (schrijfster van het boek ‘Ontwijnen’) het zo treffend omschrijft: “Alcohol is de teddybeer van de volwassenen”. We halen er troost, ontspanning, comfort uit. Het maakt ons zelfverzekerder, ontspannen, vrolijk en tja; soms hebben we het toch gewoon ‘verdiend’? Zonder alcohol is het toch niet echt gezellig? (……)

Begrijp me niet verkeerd. Ik kan echt van een goed glas wijn bij een maaltijd genieten. Maar doordat ik steeds meer weet over de gevolgen van het drinken van alcohol (ja; ook al bij 1 glas per dag) smaakt het mij minder goed dan voorheen. Een hele grote eyeopener was het boek  ‘Op je gezondheid? Over de effecten van alcohol’, geschreven door René Kahn.

Wist jij bijvoorbeeld dat alcohol de kans op borstkanker vergroot? En dat hoe meer je drinkt, des te groter de kans?  Elk glas alcohol per dag vergroot de kans op borstkanker met 10%. Maar ook als je matig drinkt (maximaal 6 glazen per week) verhoogt de kans op borstkanker al met 8%. Eén op de 10 tot 15 gevallen van borstkanker is toe te schrijven aan het gebruik van alcohol. Gek toch dat we zoveel geld uitgeven aan onderzoek en het screenen van borstkanker maar dat er geen voorlichting wordt gegeven aan vrouwen over het nadelige effect van alcohol op het ontstaan van borstkanker? Ik ben het in ieder geval nooit tegen gekomen.  En alcohol verhoogt niet alleen de kans op borstkanker maar ook op andere vormen zoals kanker van de mond en keel, slokdarm, lever, alvleesklier en dikke darm.

Toen ik dat en nog meer feiten las in het boek van René Kahn gingen die glazen alcohol me steeds minder goed smaken. Afgelopen zomer besloot ik de fitste versie van mezelf te worden, ik startte met een intensief krachttrainingsprogramma en stel mijn voeding zo samen dat ik maximale groei en herstel van mijn spieren kan realiseren. Als vanzelf past alcohol daar minder en minder bij. Dit is een heel natuurlijk proces geweest. Heel sporadisch drink ik nog weleens een glas wijn. Maar deze zijn de afgelopen 4 maanden op 1 hand te tellen; een glas wijn na mijn eindexamenopdracht-diner, een glas wijn bij het etentje ter ere van de 16everjaardag van een van mijn kinderen en een half glas champagne met Oud & Nieuw. 

Natuurlijk is het een goed idee om een maand lang geen druppel alcohol te drinken. Maar op de lange termijn is het voor je gezondheid beter om gedurende het hele jaar heel gematigd te zijn met alcohol.

Leesinspiratie:

“Op je Gezondheid? Over de effecten van alcohol”, René Kahn

“Chardonnee” van Clare Pooley

“Ontwijnen”, Jacqueline van Lieshout


Waar haal jij je eiwitten vandaan?

Vegan krachtsporter? Waar haal je je eiwitten dan vandaan? Alhoewel ik zelf deze vraag niet zo vaak krijg, schijnt het wel de meest gestelde vraag aan vega(n) krachtsporters te zijn. Sterkste man van Duitsland Patrik Baboumian heeft daar een geweldige uitspraak over in documentaire The Gamechangers: “Als mensen me vragen hoe ik zonder vlees te eten sterk als een os kan zijn, vraag ik of ze ooit een os vlees hebben zien eten.”

Wie de Gamechangers gezien heeft zet geen vraagtekens meer of je wel voldoende eiwitten binnen kan krijgen bij een plantaardig dieet. De vegan topsporters die je in deze docu voorbij ziet komen leiden overduidelijk niet aan een eiwittekort.  Dat het geen probleem is, is overduidelijk. Hoe je dit gaat aanpakken is voor de meesten minder duidelijk.

Voldoende eiwit (proteïne) is belangrijk voor iedereen die een gezonde lifestyle nastreeft. Maar wordt nog belangrijker als je serieus aan krachttraining doet of wil gaan doen.

Een eiwit kun je vergelijken met een kralenketting met verschillende kleuren kralen. Wanneer je iets eet wordt een eiwit afgebroken tot verschillende aminozuren (de verschillende kleuren kralen) Om een lichaamseigen eiwit (de kralenketting) te vormen waar je lichaam iets mee kan, moet het de beschikking hebben over alle verschillende kleuren kralen. Het gaat uiteindelijk niet om je totale eiwitbehoefte maar om de hoeveelheid aparte aminozuren die je lichaam nodig heeft. Bij dierlijke producten zijn alle verschillende aminozuren al in de juiste hoeveelheid aanwezig. Je noemt dat een volledig of volwaardig eiwit. Plantaardige voeding bevat ook heel veel eiwit, maar heeft net een ander aminozuurprofiel dan dierlijke bronnen.

Plantaardige eiwitbronnen kun je onderverdelen in:

  • Granen
  • Peulvruchten (pinda’s horen hier ook bij)
  • Noten

Bijna elke plantaardige bron bevat net van één aminozuur minder dan wat ideaal is voor menselijke behoefte. Het aminozuur Lysine is in de meeste gevallen het grootste probleem.  Lysine is een van de BCAA’s. Branched Chain Amino Acid zijn vertakte korte keten aminozuren die belangrijk zijn bij herstel en groei van spierweefsel.  Peulvruchten spelen dan ook een belangrijke rol in plantaardige voeding doordat ze rijk zijn aan het aminozuur lysine. Wanneer je volledig plantaardig eet, maar geen peulvruchten heb je een probleem. (Overigens vallen pinda’s en soja ook onder peulvruchten.) 

Nadeel van peulvruchten is dat ze fytinezuur bevatten. Dit is een antinutriënt die de vertering en opname ijzer, zink en calcium maar ook van eiwit kan verstoren. Door de peulvruchten te weken, te kiemen en/of te fermenteren verminder je het fytinezuurgehalte  waardoor voedingswaarde en opname van eiwit wordt verhoogd.

Door plantaardige eiwitbronnen uit de groepen granen, noten, peulvruchten te combineren zorg je voor inname van alle verschillende aminozuren Dit hoeft niet in één maaltijd te zijn, zoals vroeger vaak gedacht werd, maar kan verdeeld over een dag. Een aantal voedingsmiddelen zoals quinoa, hennepzaad, soja en algen (spirulina, chlorella) bevatten van alle aminozuren voldoende dus zorg dat je ook die regelmatig aan je maaltijden toevoegt.

Een niet-vegan krachtsporter heeft aan 1,6 gr/kg eiwit per dag voldoende voor goede krachtontwikkeling en spiergroei. Bij een volledig plantaardig voedingspatroon houd je rekening met verminderde opname door anti-nutriënten en de eiwitkwaliteit en ga je iets hoger zitten met zo’n 2 gr/kg aan eiwit. Bij een lichaamsgewicht van 60 kg betekent dat dus minimaal 120 gram eiwit per dag.

Aangezien ik sinds een paar maanden een intensief krachtsportschema volg track ik voor het eerst van mijn leven voor een langere periode mijn ‘macro’s’. Wat wil zeggen dat ik bijhoudt/plan wat en hoeveel ik eet en vooral hoeveel proteïne dat is. Minimaal 2 gr/kg eiwit per dag dus; wat ervoor zorgt dat ik mijn maaltijden anders samenstel dan voorheen. Plantaardige proteïnepoeder is een uitkomst als je proteïnrijk wil eten. Een combinatie van rijst en erwt eiwit heeft de voorkeur. Deze vullen elkaar aan qua aminozuren. En omdat een eiwitpoeder al bewerkt is zijn de meeste antinutriënten al verwijderd. Naast de granen, peulvruchten, noten en vele, vele groenten vul ik mijn dagelijkse voeding aan met proteïnepoeder en voeg ik deze bijvoorbeeld in de ochtend toe aan mijn smoothiebowl, overnight oats of chiapudding. Doordat de proteïnepoeders die ik gebruik een vanille smaak hebben is het nog heel lekker ook. 

Let op: wanneer je geen (kracht)sporter bent zijn er hele andere aanbevelingen qua eiwitinname en hoef je dit niet dagelijks te gaan berekenen! Wel is het ook dan belangrijk om te zorgen dat je al je aminozuren binnen krijgt.

Wil jij meer weten over hoe je optimaal plantaardig kunt eten? In mijn boek Fit Vega(n) Food kun je hier alles over lezen.



Hoe overleef je de kerstdagen zonder aan te komen?

“Vasten met kerst kun je leren”, kopte het AD afgelopen vrijdag in een artikel over mijn laatste boek Intermittent Fasting. Vasten; een onderwerp waar juist deze feestmaand veel interesse voor is. “Tja, die pepernoten, chocoladeletters, kerstborrels, diners, kerstbrunch, oliebollen, champagne…..he?”, hoor ik menigeen verzuchten.

In Januari is het altijd topdrukte bij alle sportscholen en studio’s. Goede voornemens zijn genomen; massaal wil iedereen weer alle extra kerstkilo’s er af sporten of diëten. Velen stoppen met roken; drinken de hele maand januari geen alcohol meer en nemen zich voor het vanaf dan allemaal anders te gaan doen.

Niemand komt een hele kilo aan na een keer zwaar tafelen. Echt niet!! 1 kilogram vet is 9000 kcal; knappe jongen die dat op één dag naar binnen werkt. Het gaat om wat je gedurende een hele week eet en wat je tijdens de rest van het jaar doet; niet op één (of 2) feestdag(en). Alles draait om balans; balans tussen overvloed en weer matig zijn. Precies dat waar Intermittent Fasting om draait.

Door het toepassen van IF en wat andere tips en tricks kun je moeiteloos fit, gezond en zonder extra kerstkilo’s die feestdagen doorkomen.

TIP 1: Een van de manieren waarop je Intermittent Fasting kunt toepassen is om 2 dagen in de week te ‘vasten’. Niet door niks te eten; maar door op die dagen minimaal te eten. Mensen maken weleens de fout om een heleboel dagen voorafgaand aan de kerstdagen maar weinig te gaan eten. Maar daardoor is er veel meer kans dat je, wanneer de kerstdagen eenmaal zijn aangebroken, gaat ‘bingen’ en alles in je mond stopt wat je tegenkomt.  Door 2 dagen per week in te plannen als vastendagen (waarop je bijvoorbeeld 750 kcal per dag eet) en de andere dagen ‘normaal’ te eten bouw je een calorietekort op zodat je dan ook 2 dagen in de week (precies de Kerstdagen) hebt waarop je iets meer kan eten.

TIP 2: Voel je nooit verplicht om iets op te eten, enkel en alleen omdat het ‘gezellig’ zou zijn. Gezelligheid heeft te maken met het gezelschap waarin je verkeert; het samenzijn met elkaar. Tijd doorbrengen met familie, vrienden en geliefden; van elkaars aanwezigheid genieten, leuke dingen met elkaar doen en bijpraten.  Geniet jij echt oprecht van een stuk taart, chocolade of glas wijn, geniet er dan heel bewust van en zie het als een traktatie. Maar voorkom dat je alles op eet en drinkt vanuit gewoonte of verplichting. Bedank gerust ergens voor als je er niet echt heel erg van geniet. 

Ben je ergens te gast en is er van alles ‘speciaal voor jou’ in huis gehaald? (ik weet het; moeders en oma’s hebben hier een handje van) Geef aan als je genoeg hebt gehad, zeg dat je het heel erg waardeert en vraag of je misschien iets mee naar huis mag nemen voor de volgende dag. Dan heeft de gastvrouw of -heer niet alle moeite voor niks gedaan. De dag erna kun je dan nog heel attent een berichtje sturen en extra bedanken voor het lekkers wat diegene zo attent voor je in huis had gehaald

TIP 3: Een andere methode binnen Intermittent Fasting is het eten in een eating window; eten binnen een vastgesteld aantal uren per dag en de overige uren vasten. Heb je een uitgebreid diner gehad in de avond; ga de volgende ochtend eerst buiten een stuk wandelen of fietsen en wacht totdat je weer met eten begint. Voorkom dat je de hele dag door eet en beperk je eetmomenten tot maximaal drie. Heb je zowel een brunch als diner gepland staan? Eet in de tussenliggende uren niks of alleen iets lichts zoals wat vers fruit of wat rauwkost.

TIP 4: Ga bewegen!! Waarom niet sporten of trainen tijdens de dagen waarop je vrij bent? Juist nu, op de dagen waarop je veel (aan tafel) zit en waarschijnlijk meer eet dan normaal. Juist die dagen is het zo fijn om jezelf in beweging te brengen. Het hoeft niet meteen een intensieve workout te zijn; maar buiten een stuk wandelen of fietsen is al fijn!

 Ben je bang dat je met de kerst teveel wijn gaat drinken?

Alcohol……..nogal een ‘dingetje’ voor veel mensen. Want ‘het hoort er nou eenmaal bij’, ‘is toch gezellig’, etc. Omdat ik weet dat velen het moeilijk vinden hier maat mee te houden of de drank helemaal te laten staan wil ik een hele goede tip van coach Aniek Jonckers van Puur Power delen:

TIP 5: Normaal gesproken heb je een wijnglas en een waterglas staan. Zet het waterglas weg zodat je je water in je wijnglas moet doen. Als je wijn op is zorg dan dat je je wijnglas minimaal 2 keer bijvult met water. Pas als die twee glazen water opgedronken zijn ‘mag’ je pas weer een glas wijn. Op die manier creeër je een pauze waarin je geen alcohol drinkt en zorg je meteen dat je voldoende water drinkt. 

En last but not least; geniet, vermijd stress, neem ook tijd voor jezelf en zorg dat je genoeg slaapt!

Hele fijne kerstdagen allemaal!!

Beeld: Marlies Wessels

Hoe voorkom je dat je roofbouw op jezelf pleegt?

Afgelopen week werd ik uitgescholden in het verkeer. Waarom?? Omdat ik een fietser voorrang verleende op een plek waar een medeweggebruiker vond dat dat niet ‘mocht’.

Het was een donkere, regenachtige en chaotische avondspits en ik had een van mijn kinderen naar een sportclub gebracht. Terwijl ik een rotonde op rijd zie ik een fietser door de stromende regen aankomen. Zoals zo vaak stop ik om de fietser voor te laten, ook al had de fietser, theoretisch gezien, geen voorrang.  De automobilist achter me rijdt te hard en te dicht op me, kan nog net op tijd remmen en begint tot mijn verbazing heel lang en hard op haar claxon te duwen.

Ik zet mijn auto stil, stap uit en loop naar haar auto. “Ik weet niet waar je mee bezig bent”, vraag ik “Maar ik liet gewoon een fietser voor.” Ze begint te schreeuwen dat ze bijna achterop mijn auto zat (ja, dat had ik ook gezien; duidelijk dat ze te hard en te dicht op me had gereden) terwijl tegelijkertijd haar boomlange man uitstapt om mij voor van alles uit te maken (niet voor herhaling vatbaar) en te schreeuwen dat ik de fietser geen voorrang MAG geven, want die had hij niet. “Als je het niet erg vindt, rijd ik liever geen fietser omver”, zeg ik nog terwijl ik maar weer in mijn auto stap omdat ik het verkeer niet verder op wil houden. Terwijl ik mijn weg vervolg scheuren ze me, helemaal gestresst, met een noodgang voorbij (op een plek waar je op dat moment niet in mag halen).

De adrenaline giert door mijn lijf door het onrecht en zoveel negatieve energie. Het duurt even voordat ik het voorval echt los kan laten. Mijn adem en hartslag zijn versneld; alles in mijn lichaam is in paraatheid om te vechten of vluchten. (Fight-Flight reactie)

Een paar uur later zit ik op de mat in mijn studio om een Yin Yoga les te geven. Ik besef hoe het mogen geven van deze ontspannende lessen mijzelf ook helpt om elke keer weer rust en stilte te zoeken. Door de ademoefeningen breng je je lichaam en daardoor ook geest weer tot rust. Voor mij is dit gelukkig maar een incident, maar velen zitten continue op hun werk of in een thuissituatie in een stressvolle omgeving. En die negatieve energie en stress hebben direct effect op jouw lijf. 

Ga maar eens ontspannen op de grond liggen en roep dan boze gedachten op. Dat gaat niet! Wanneer je boos bent kun je je lichaam niet meer ontspannen. Lichaam en geest, hart en hersenen, zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Maar wist je dat ook onbewuste gevoelens en gedachten direct effect hebben op de gezondheid van je hart?

Je HRV is je hartslagvariabiliteit en dat is de periode tussen je opeenvolgende hartslagen. Stel: jouw hartslag is 60 slagen per minuut; dat wil niet zeggen dat je precies elke seconde een hartslag hebt. Dat varieert. Dus de ene keer komt de hartslag na 1 seconde dan weer na 0.58 dan weer na 1,01, etc. Die variatie is je HRV. Hoe hoger je HRV; hoe variabeler de hartslag, hoe gezonder het hart.Hartslagvariabiliteit neemt toe tijdens ontspanning- en herstelactiviteiten en neemt af tijdens stress. Respectievelijk is de HRV hoger wanneer de hartslag lager is en lager wanneer de hartslag hoger is. Dit varieert gedurende de dag aan de hand van je activiteiten en stress.

Ons zenuwstelsel heeft twee systemen:

  • het sympathische systeem, deze controleert je vecht-en vluchtreacties. De activiteit hiervan versnelt het hartritme.
  • Het parasympathische systeem, deze hoort bij ontspanning, rust en herstel en vertraagt het hart.

Dit zijn eigenlijk onze rem- en gaspedaal. We hebben ze allebei nodig en ze moeten allebei in topconditie zijn zodat ze, wanneer nodig, elkaar kunnen compenseren. Allebei de systemen zijn continue bezig het hart te versnellen en af te remmen. Daarom is de pauze tussen 2 opeenvolgende hartsagen nooit gelijk. Die veranderlijkheid is dus heel gezond omdat het aangeeft dat zowel je rem als gaspedaal goed functioneert.

Tijdens mijn opleiding aan de EnergyControl Academy  bij Stans vd Poel leerde ik werken met een apparaat die onder andere de HRV meet. Als test werd ik ook zelf aangesloten en moest ik onder tijdsdruk een ingewikkelde rekensom oplossen. Zonder dat deze situatie nou echt stressvol aanvoelde zag ik tot mijn verbazing dat mijn hartslag steeg en het verloop van de lijn onregelmatig en rommelig werd. Ook al voelde het niet als een echte inspanning; toch had deze situatie al effect op mijn hartslag en de HRV. Daarna moest ik een prettige, blije herinnering oproepen. Daarop veranderde de curve binnen enkele seconden van onregelmatige chaotische haken in regelmatige, vloeiende lijnen. Wanneer de variaties zwak en chaotisch zijn trappen we zonder vast patroon afwisselend op het gas-en rempedaal. Als de variatie in hartslag sterk en gezond is dan wisselen de fases van versnellen en vertragen elkaar snel en regelmatig af. Dan zie je een golvende beweging en is er sprake van ‘coherentie’.

Wanneer we geboren worden is de veranderlijkheid het sterkst; als onze dood nadert het laagst. Het is een teken van ouder worden maar het afnemen van die veranderlijkheid komt vooral omdat we onze rem, het parasympathische systeem, niet goed onderhouden. Als we alleen maar op het gaspedaal drukken en nooit de rem gebruiken dan werkt de rem op een gegeven moment niet meer goed. Als je dat te lang blijft doen pleeg je roofbouw op jezelf en raak je uiteindelijk opgebrand.

Diverse onderzoeken hebben aangetoond dat negatieve emoties zoals woede, angst, verdriet maar ook de meest onbenullige zorgen (denk aan de rekensom) de veranderlijkheid in hartritme drastische veranderen en dus effect hebben op onze gezondheid. Positieve emoties zoals vreugde en liefde bevorderen je hartcoherentie. Coherentie is dus niet een toestand van ontspanning maar meer een situatie waarin we in een ‘flow’, in harmonie met onszelf zijn. Als we innerlijke balans vinden heeft de buitenwereld  uiteindelijk minder grip op ons en daarmee op onze gezondheid en levensverwachting.

Er is een hele effectieve en eenvoudige manier om de veranderlijkheid van je hartslag te vergroten en deze in coherentie te brengen. Het is een oefening die ik in bijna elke yogales weer doe met mijn deelnemers. Doe deze oefening zo’n 5-10 minuten minimaal één, maar liever vaker, per dag. Een mooi moment voor deze oefening is voor het slapengaan.

Ademoefening

  • Richt je aandacht naar binnen en laat alle indrukken van de buitenwereld naar de achtergrond verdwijnen. Alles waar je je druk om maakt parkeer je even. Deze wachten wel.
  • Adem rustig in door je neus en vervolgens weer uit door je neus. Maak de uitademing iets langer dan de inademing; dat stimuleert meteen je parasympatische systeem waardoor de balans al iets meer doorslaat naar je remsysteem.
  • Je stuurt je ademhaling niet, het enige dat je bewust doet is pauzeren na je uitademing. Dus in door je neus en uit door je neus en dan pauzeren. Je hoeft niet zo lang mogelijk te pauzeren. Je ademt weer in als je lichaam het seintje geeft dat het weer tijd is om in te ademen.
  • Terwijl je dit blijft doen breng je je aandacht naar je hart. Beeld jezelf in dat er bij elke uitademing meer ruimte en zachtheid rondom je hart ontstaat. 

Onderzoekers van het Hearthmath Institute hebben aangetoond dat  het oproepen van positieve emoties al snel leidt naar coherentie in het ritme van je hartslag. Als we ons laten leiden door positieve emoties neemt de coherentie in kracht toe. Als we ons laten leiden door zorgen en negatieve gedachten dan neemt de coherentie meteen af en maakt deze plaats voor chaos.

Kortdurende stress is goed voor ons lichaam. Chronische stress maakt ons ziek en zorgt dat we korter leven. Om de fitste versie van jezelf te worden en gezond oud te worden ligt de basis bij je hart; het centrum van de liefde.


Kun je Intermittent Fasting combineren met een Ketogeen dieet?

Dit was een van de vragen bij een Q&A die Arie Boomsma in samenwerking met mij organiseerde op zijn Instagram Stories. Vlak na de lancering van mijn Intermittent Fasting boek konden zijn volgers een dag lang alle vragen over periodiek vasten en mijn boek stellen.  Een stuk of 20 van de vele vragen die binnen bleven stromen heb ik beantwoord. De vraag over het combineren van IF en Keto heb ik toen (nog) niet beantwoord. Maar dat precies die vraag bij veel mensen leeft, bleek toen deze nogmaals aan Arie gesteld werd in een andere Q&A een week later.

Het antwoord van Arie: “Dat lijkt me wel. Keto is een dieet. If (Intermittent Fasting) een structuur. Je kunt nagenoeg elk dieet in de IF structuur gieten. Kijk voor meer over IF vooral eens bij @dr.Ludidi of @fitgreenchef

Een Ketogeen dieet, ook wel Ketodieet genoemd, is een koolhydraatarm en vetrijk dieet waarbij je je lichaam gaat laten overschakelen naar vetten als energiebron. Deze methode is de laatste jaren populair geworden als dieet om gewicht te verliezen 

Maar wat is ketose eigenlijk? Als je weinig koolhydraten eet (dit zijn de suikers in groente, fruit, granen, noten, etc maar ook in alle producten waar geraffineerde suikers in zitten) gaat je lever vetzuren omzetten in ketonen, welke het lichaam kan gebruiken als brandstof. Ketonen kunnen glucose vervangen als brandstof in vrijwel het hele lichaam. Bepaalde weefsels, zoals het hart en de bijnierschors, geven zelfs de voorkeur aan ketonen in plaats van glucose. Veel onderzoeken laten een aantal unieke gezondheidsvoordelen zien voor zowel de hersenen als het zenuwstelsel. Zo wordt een Ketogeen dieet succesvol gebruikt bij het onder controle houden van epilepsie en kan het positieve effecten hebben bij Alzheimer, migraine, diabetes en Parkinson.

Overigens is ketose niet een heel speciaal iets wat je alleen kunt bereiken door het volgen van een ketogeen dieet. Zo klinkt het soms wel; alsof je alleen door het nauw volgen van een heel speciaal dieet je in die speciale ‘zone’ zou komen. Maar ketonen zijn een normaal onderdeel van onze energieproductie en worden geproduceerd bij  intensief sporten en bij…….vasten. Dus iedereen die een langere tijd niet eet, zoals ook bij Intermittent Fasting gebeurt, komt geregeld in ketose. 

Het is niet zo dat als je vetten gaat verbranden (in je vetverbranding komt) je ook vanzelf af gaat vallen. Dat is een groot misverstand. Vetten als brandstof gebruiken wil niet zeggen dat je ook lichaamsvet zal verliezen. Het heeft  veel voordelen als je lichaam goed van suiker- naar vetverbranding kan schakelen en het kan een positief effect hebben bij gewichtsbeheersing.  Maar…..als je lichaam goed vetten kan verbranden maar je nog steeds te veel voeding tot je neemt (lees; meer eten dan dat je verbruikt) ga je geen lichaamsvet verliezen. Je energie-inname ten opzichte van je verbruik is altijd de doorslaggevende factor. Dit geldt ook bij Intermittent Fasting. Een van de vragen die iemand stelde bij de Q&A was: “Ik heb een maand aan periodiek vasten gedaan en gegeten binnen een zogenaamd ‘Eating Window’. Ik at heel veel en gezond maar ben niet afgevallen .Hoe kan dat?”  (……..)

En ja; dat kan!! Ook als je heel gezond, maar wel teveel, eet slaat je lichaam de extra energie op als lichaamsvet. Ook wanneer je binnen een vastgestelde periode eet (het ‘eating window’ bij Intermittent Fasting) kun je teveel eten en dus geen lichaamsvet verliezen. En ook wanneer je lichaam een ‘vetverbrandingsmachine’ is kan nog steeds je energie-inname ten opzichte van je verbruik te hoog zijn. En verlies je dus geen lichaamsvet. Nog steeds bepaalt je energiebalans of je daadwerkelijk lichaamsvet gaat verliezen.

Bij een Ketogeen dieet moet je een hoop berekenen en puzzelen om te weten hoeveel koolhydraten je wel of niet kan eten om uiteindelijk in ketose te komen. Terwijl het veel makkelijker kan; gewoon door een langere periode niet te eten (en dus periodiek te vasten)

Een minpunt van het ketogeen dieet is dat veel mensen ongezonde vetten gaan eten en denken dat ze bijna alle koolhydraten moeten schrappen. Terwijl juist groente en fruit koolhydraten bevatten. Wanneer je die grotendeels uit je voedingspatroon gaat schrappen is er niet echt sprake meer van een gezond voedingspatroon. Dit is overigens een groot misverstand; uiteindelijk bepalen je glucosewaarden wanneer je in ketose komt en dat kan per persoon verschillen. Er is dus niet een ‘one size fits all’ Ketogeen dieet en het is zeker niet nodig om alle groente en fruit uit je voeding te bannen.  Een Ketogeen dieet hoeft dus niet ongezond te zijn en kan op een gezonde manier worden toegepast. 

Arie had absoluut gelijk; een Ketogeen dieet kun je combineren met Intermittent Fasting. De vraag is: wat is je doel? Een Ketogeen dieet is een heel strikt voedingspatroon, waarvan aangetoond is dat het positieve effecten kan hebben bij diverse ernstige aandoeningen. Maar wanneer je het niet op therapeutische basis nodig hebt en het je wel wat lijkt omdat je af wilt vallen is de vraag of je een heel strikt dieet langere tijd kan en wil volhouden.  Het voordeel van IF is dat er weinig restricties zijn; het gaat hoofdzakelijk om wanneer je eet, niet om wat je eet. Het exact bijhouden van wat en hoeveel je eet is iets wat weinig mensen lang volhouden. Wanneer je geregeld een langere periode niet eet, zoals bij IF, of intensief sport kom je vanzelf in ketose. 

Meer weten over Intermittent Fasting? In mijn boek vertel ik alles over deze methode.

https://www.bol.com/nl/p/intermittent-fasting/9200000115140336/?suggestionType=searchhistory&bltgh=sv-zlXsNtMRxuGnOczFLTA.1.2.ProductImage